Run forest

Het is Hemelvaartsdag dus zijn we allemaal thuis. De dag strekt zich loom en lui voor ons uit. Net als wijzelf. We lummelen na het ontbijt nog wat in onze pyjama rond. Zoonlief speelt met Lego, ik speel de jury. We hangen wat voor de tv. Maar dan vind ik het wel eens tijd om in actie te schieten. Wat gaan we doen vandaag?

Het wordt 27 graden. Best warm dus. We besluiten om niet in de tuin te blijven puffen, maar een boswandeling te maken. Dat wil zeggen: ik beslis dat.
Op ferme toon deel ik mee dat we nu echt eens naar het bos gaan. Dat mama ook wel eens mag kiezen. Want hoewel ik onze fietstochtjes zeker waardeer, vind ik niets zo fijn als een flinke boswandeling.

Mijn vastberaden houding werpt de gehoopte vruchten af. Zelfs papa, die anders maar moeilijk te porren is voor een wandeling in “altijd datzelfde bos”, protesteert niet. Ik maak snel een rugzakje klaar met voor iedereen een drinkfles met water en een kleine versnapering en dan vertrekken we.

Bij het bos aangekomen, verbaast het me hoe rustig het er is. Met dit warme weer had ik verwacht dat veel meer mensen de verkoeling van het bos zouden opzoeken.
Zoonlief wil graag naar het bosmeertje om kikkers te zien. Ik vind het allemaal prima. Ik snuif de boslucht diep op en voel me herleven na alle spanning van de afgelopen tijd. Het juf spelen voor een onwillige leerling, de huishoudelijke chaos, de coronamaatregelen, … het heeft er allemaal best ingehakt. Maar hier, in dit bos, voelt het alsof er een last van mijn schouders valt. Ik geniet met volle teugen.

Dan ontdekt zoonlief tussen het gebladerte een klein zijweggetje. Hij is dol op zulke ‘geheime weggetjes’. Dus gaan we met zijn drieën op avontuur. Hij rent voorop, springt over omgevallen boompjes, bukt voor laaghangende takken. En dan lukt hem wat zelfs mijn sportieve echtgenoot nog niet is gelukt: mij in beweging krijgen. Als een – oudere – jonge hinde ren en spring ik achter hem aan. Ik voel me waarachtig een paar jaar jonger!

We maken een paar gekke foto’s en lopen dan terug naar het hoofdpad.
Ineens begint mijn echtgenoot wild om zich heen te slaan. Hij mept op zijn been en heeft meteen een flinke bloedplek aan zijn handen. De muggen komen massaal op hem afgevlogen. Ik voel niets, maar zie er ook twee op mijn been landen. Snel sla ik ze weg en kijk of er geen op mijn zoontje zitten. Nee, niets te zien gelukkig.

Blijkbaar vinden ze papa het lekkerst. Ik ben voor de muggen een soort peer – ook in het echt trouwens, maar dat terzijde. Zoonlief waarschijnlijk iets als spruitjes. Maar papa is duidelijk een slagroomtaart. Onweerstaanbaar lekker.

We zetten het op een rennen. Alweer.
Thuisgekomen zit papa al onder de dikke muggenbulten. Als kersen op de taart.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s