Jantje huilt, Jantje lacht

Dikke tranen biggelen over zijn wangen.
“Ik mag de kippen niet meer voeren. Nooit meer,” snikt zoonlief.
Hij stort zich in mijn armen. Ik streel zachtjes met een hand over zijn haar tot hij weer wat gekalmeerd is.

Verbaasd over deze nogal onverwachte mededeling van de buurman aan mijn 7-jarige zoontje, loop ik naar de afrastering. Maar er is niemand meer te zien.

Als ik wat later op de dag een stel benen onder de coniferen zie uitsteken, ben ik er als de kippen bij. Gelukkig is het de buurvrouw. Die is een stuk minder kort van stof en vertelt in zorgvuldig gekozen bewoordingen wat er aan de hand is. De kippen hebben stress en leggen bijna geen eieren meer. Ze moeten rustig kunnen rondscharrelen. En krijgen nu speciaal voer dat de dierenarts heeft voorgeschreven.

Ik begrijp meteen waar ze naartoe wil. Zoonlief rent namelijk meermaals per dag met een stuk oud brood of zijn korstjes naar de afrastering om de kippen te voeren. Ook laat hij ze regelmatig heen en weer rennen. Maar blijkbaar is dat helemaal niet goed voor ze. Deze stresskippen houden niet van sporten. Zo’n beetje als ikzelf dus.

Ze oppert dat we misschien zelf kippen kunnen nemen. Dat ziet mijn kleine kippenliefhebber wel zitten natuurlijk. Maar papa een stuk minder.
“We komen nu al aan veel dingen in en rond het huis niet toe,” luidt zijn niet geheel ongegronde argument.
Er vallen nog veel meer tranen. Maar wonder boven wonder slaapt zoonlief die avond prima.

De volgende ochtend wordt er ineens hard op onze slaapkamerdeur gebonsd. Die vliegt vervolgens open en zoonlief roept luidkeels: “IK WIL KIPPEN!!!”
Zo, we zijn wakker.

Onder het ontbijt zie ik dat papa voorzichtig toch eens wat informatie over het houden van kippen opzoekt. En nadenkend naar verschillende plekken in de tuin staart. Hij lijkt op iets te broeden.

Na een bezoekje aan moeke en vake eten we onze broodjes buiten in de tuin op. Lekker in het zonnetje. Ineens verschijnt de buurvrouw aan de draad. Ze wenkt zoonlief om wat dichterbij te komen. Of hij misschien zin heeft om de kippen te komen voeren.
Ik heb mijn zoon nog nooit zo hard zien stralen. Laat staan zo snel zien klaarstaan voor vertrek. Zijn gezicht bijna te klein voor zijn glimlach.

Ik ga met hem mee. De buurvrouw staat ons al op de oprit op te wachten. Op veilige afstand volgen we haar het terrein op. We komen in een indrukwekkend kippenparadijs waar de kipjes naar hartenlust tussen de bomen kunnen rondscharrelen.

Zoonlief kijkt zijn ogen uit. Hij is duidelijk zielsgelukkig nu hij tussen zijn gevederde vriendjes staat. En het allermooiste komt nog: Flabbetje, zijn lievelingskip, zit op haar nestje om een ei te leggen. En hij mag gaan kijken.
Heel stilletjes loopt hij op zijn tenen het kippenhok in. Flabbetje en zoonlief kijken elkaar aan. Ik voel een brok in mijn keel en slik. Wat een prachtig, ontroerend moment.

Daarna mag hij de kippen buiten voeren. Eerst strooit hij voorzichtig wat voer rond. Maar al snel durft hij ze uit zijn hand te laten pikken. Er is ook een kip die graag een graantje uit het bakje komt meepikken. Behoedzaam streelt hij de kip over haar rug.

Als we na deze geweldige ervaring weer naar huis lopen, zegt zoonlief uit de grond van zijn hart:
“Dit is de mooiste dag van mijn leven.”

PS ’s Avonds mag hij nog even bij de kippen komen. De buurvrouw heeft een verrassing voor hem: het ei van Flabbetje.

5 gedachten over “Jantje huilt, Jantje lacht”

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s